Veelgestelde vragen

Inhoudsopgave

Andere bevindingen na de behandeling

Na de behandeling aan tongriem of lipband kun je dingen merken die kortere of langere tijd aan houden zoals zwelling van de lip, kwijlen, kokhalzen of andere ongemakken en bijzonderheden.

* Granulatieweefsel; Dit is een klein bobbeltje van extra littekenweefselvorming die op het wondje kan ontstaan, vermoedt je dat je dit ziet, stuur dan rustig een foto. Het is niet ernstig en kan kleiner worden. Als het belemmeringen geeft met drinken, kan het nog weg gehaald worden.

* Kwijlen; Omdat de slik opnieuw geleerd moet worden na tongriem behandeling kan het kind of de baby nog een tijd kwijlen. Ook slappe lipsluiting en openmondpositie kan daar de oorzaak van zijn.

* Teruggroei; Na de behandeling wil de wond snel genezen. Door de nazorgoefeningen waarbij het wondje gemasseerd en opgerekt wordt hoop je dat de wond niet te snel en weer te strak dicht trekt. Als er te veel teruggroei ontstaat kan de tong- of lipmobiliteit weer beperkt worden. Het advies is om op het nazorgspreekuur terug te komen om dit even te laten controleren, voor een afspraak bel je met de Tongriem Kliniek.

* Spierpijn en ongemak; Na de behandeling horen we regelmatig terug dat de oudere kinderen en volwassenen (spier) pijn voelen in de kaken, tong en keel. De baby geeft dit aan door huilen of slecht willen drinken. Zie de FAQ over pijnbestrijding.

* Spugen; Omdat de baby effectiever drinkt kan het zijn dat de maag de hoeveelheden nog niet gewend is en het te veel weer uit gespuugd wordt.  Het is ook normaal dat de baby eerste tijd nog lucht blijft mee drinken. Vlak na de behandeling kan er ook ingeslikt bloed bij zitten (wat zwart/donkergroen ziet in de luier).

* Stinkende adem/ mond; Dit horen wij soms terug van ouders en kan enkele dagen aan houden tot een week, het is niet erg.

* Gezwollen bovenlip; Dit kan na lipbandbehandeling tot 5 dagen aanhouden.

* Trillen kaken blijft langer aan houden; Omdat de tong na de behandeling nog getraind moet raken, kan het zijn dat het compenseren nog door gaat met de kaakspieren. Kijk ook naar de ontspanningsvideo. Maar ook kan compensatiegedrag “vast” zitten en is een therapeut nodig om het te verhelpen. Zie de FAQ over compensatiegedrag en video’s met voorlichting hierover.

* Lipje gaat nog naar binnen krullen; De baby is niet gewend de lip uit te krullen, dit mag gerust geholpen worden. Kijk ook naar de ontspanningsvideo.

* Zuigblaren nog aanwezig; Ze kunnen nog enige tijd aanwezig zijn, zeker op de bovenlip.

* Huilen bij de nazorg doen; Wat wij terug horen van ouders en merken op het nazorgspreekuur dat de baby huilt met de nazorg oefeningen doen, maar stoppen zodra je stopt en af leidt of gaat voeden of luier verschonen.  Het is niet de bedoeling dat de baby erg lang overstuur blijft. Zie de FAQ, pijnbestrijding. Observeer je baby of kind goed, de nazorg moet niet te koste gaan van alles, de nazorg is slechts een advies. Beter kan het bijvoorbeeld zijn om de nazorg te doen als de baby niet te hongerig is. Als je twijfelt over het huilgedrag stuur dan gerust vragen aan de lactatiekundige via Whatsapp.

* Wit beslag op tong nog zichtbaar; Omdat het gehemelte vaak hoog is en de tong nog niet goed omhoog beweegt, blijft de witte aanslag op de smaakpapillen langer aanwezig.

* Welke flessespeen;  We merken dat de spenen met een brede basis niet dieper de mond in kunnen, dus een speen die er dieper in kan en meer mondvulling geeft zoals de kleinere, smallere soorten gaan vaak beter.

* Baby langer van slag; Huilgedrag, slechter drinken langer dan een paar dagen komt soms voor, meestal bij de oudere baby die langer heeft moeten compenseren met een strakke tongriem. Voor de behandeling waren deze baby’s meestal al huilerig en dronken ze matig. Vaak is behandeling van compensatiegedrag nodig. Zie FAQ compensatie gedrag. Vaak geven de ouders dan langer zetpillen. Maar ook moet men rekening houden met een gewone virusinfectie die toevallig tegelijkertijd op speelt. Met koorts kan men naar de huisarts gaan, zie ook de FAQ over koorts.

* Kokhalzen kan de eerste tijd nog aanwezig zijn na tongriembehandeling. Met name bij de oefeningen.
* Een baby kan de tong niet inslikken na de tongriembehandeling.
* Apneu wordt soms bij baby’s waar genomen door ouders. Het is niet direct gerelateerd aan de tongriembehandeling. Hier is wel een onderzoek over de relatie tussen strakke tongriem en apneu.

 

 

Vragen over koorts

Er is geen  koorts te verwachten naar aanleiding van de behandeling. Een wondinfectie of ontsteking ook niet.
Koorts is een lichaamstemperatuur boven de 38 graden. (www.thuisarts.nl). Bij baby’s onder de 3 maanden overlegt u bij koorts met uw huisarts. Het zou kunnen dat uw baby een virus of andere infectie onder de leden heeft.
Bij ongemak na de behandeling kunt u paracetamol geven volgens de bijsluiter.

Pijnbestrijding rondom de ingreep/paracetamol

Voorafgaand aan de ingreep zal de arts de tong dan wel lipband lokaal verdoven met oppervlakte verdoving op een wattenstaafje.
Algehele anesthesie of infiltratie a
nesthesie weegt qua voordelen niet op tegen de nadelen bij baby’s en jonge en kinderen.

Voorafgaand aan de ingreep of nadien mag een paracetamol zetpil worden gegeven.  Ook voorafgaand aan de nazorg oefeningen is dit een mogelijkheid.
Paracetamol is een relatief onschuldig medicament wat een koortsverlagende en pijnstillende werking heeft. U kunt dit op basis van leeftijd en gewicht geven.

Volgens de meeste bijsluiters dient het gebruik van paracetamol onder de drie maanden in overleg met een arts gegeven te worden. Het is echter geïndiceerd bij pijn, acuut en postoperatief. (bron www. Kinderformularium.nl)

Rectaal (zetpil) is het meest gebruiksvriendelijk. Je kunt de zetpil inbrengen door de punt tot 1 cm voorbij de anus te schuiven. Soms is het handig om de billen van uw kind een paar seconden tegen elkaar te houden zodat de zetpil er niet uitgedrukt wordt.

U kunt paracetamol bij de apotheek aanschaven en sommige drogisterijen. Omdat paracetamol ook geven kan worden ter verlaging van koorts wordt verkoop voor kinderen onder de 3 maanden met deze indicatie ontraden. Bij een lichaamstemperatuur van 38 graden of hoger onder de drie maanden moet u altijd een arts waarschuwen.  De paracetamol wordt dus uitsluitend gegeven ter bestrijding van pijn en ongemak.

Onder de drie maanden; driemaal daags 60 mg rectaal
Van drie tot 12 maanden; driemaal daags 120 mg rectaal
Vanaf 1 jaar of vanaf 10 kilo; driemaal daags 240 mg rectaal

Wat te doen als het wondje thuis nabloedt

In zeer zeldzame gevallen is er een stollingsstoornis of anatomische variatie die direct tijdens de behandeling op gemerkt wordt en behandeld. 

Men gaat na de behandeling niet eerder naar huis voordat het wondje gecontroleerd is. Bij een baby is het in principe niet te verwachten dat het wondje nog gaat na bloeden. Bij volwassenen en oudere kinderen kan dit een enkele keer zijn na de uitwerking van de verdoving (waarin ook de vaatvernauwende ingrediënten werkzaam zijn).

Het kan wel zijn dat er wat littekenweefsel loskomt. Littekenweefsel is goed doorbloed en kan wat bloeden. Het geeft niet als dit loskomt. Je wil namelijk ook weer niet te veel littekenvorming, dit zou de tongmobiliteit weer kunnen beperken.

Een eventueel stolsel of bloed zachtjes eerst verwijderen met een gaasje voordat er je iets op doet van onderstaande. Een baby wat recht op houden en dat hij of zij het niet te warm heeft.

Droog gaas erop drukken 3 minuten zonder los te laten. Als de wond niet droog is nog eens 5 minuten.
Eventueel op het gaas: Sterke thee is bloedvat vernauwend en ook xylometazoline (gewone neusspray).

Niét spoelen met water. Een baby mag erna gelijk weer melk. 

Als het niet droog wordt gelieve het mobiele nummer te bellen van de lactatiekundige van de Tongriem Kliniek, (nummer op het meegegeven kaartje). U moet dan na overleg met de behandelaar (1weg) weer terugkomen naar de kliniek. In uitzonderlijke gevallen is hechten noodzakelijk.

Bij behandelingen op een andere plek dan de Tongriem Kliniek gelden de afspraken met die betreffende arts.

Wat kunnen kinderen en volwassenen aan pijnmedicatie innemen?

Pijnstilling kan na de behandeling desgewenst genomen worden. Paracetamol is afdoende, maar als de pijn als erg hevig wordt ervaren eventueel een NSAID zoals ibuprofen.

De wond wordt ervaren als een soort blaar. Vaak is het advies om het eten en drinken af te stemmen en eerder koud of lauw voedsel te nemen totdat de blaar als minder hevig wordt ervaren. De wondgenezing duurt over het algemeen 1 tot 2 weken.

Moet ik de baby paracetamol als zetpil geven?

Over het algemeen is de baby een dag mopperig na de behandeling (24-48 uur).

Houdt de baby veel bij je en het liefst huid op huid zodat er warmte gevoeld wordt. Voedt op verzoek of geef een extra flesje als de baby dit aangeeft.

Afhankelijk van het aantal maanden en gewicht de geadviseerde dosering toepassen.

Je kan prima paracetamol geven zoals op de verpakking aangegeven staat. 4 tot maximaal 6 per dag. De eerste twee dagen zou je voor de voeding (bij welke je ook de nazorg wil doen) een paracetamolzetpil kunnen geven en dan aan het einde van de voeding de nazorg doen. (Alleen Etos heeft de 60 mg dosis te koop.)

 

 

Is er verdoving of volledige narcose nodig?

Afhankelijk van de leeftijd wordt er gekozen voor oppervlakte verdoving of infiltratieverdoving. Oppervlakte verdoving wordt aangebracht door middel van een wattenstaafje en infiltratie anesthesie wordt daadwerkelijk door middel van een naald in de weefsels gebracht en duurt ongeveer 3 uur voordat het uitgewerkt is.

Volledige narcose is desgewenst de keuze van de behandelaar. Er zijn echter publicaties in de wetenschap die narcose bij jonge kinderen afraden.

Zie publicatie Anaesthetic considerations for surgery in newborns: www.tongriem.com/wp-content/uploads/2019/02/narcosevoorbaby.pdf) )